Voor een bedrijfsfitnessruimte reken je doorgaans op 3 tot 5 m2 per gelijktijdige gebruiker voor een basisinrichting met cardio- en krachtapparatuur. Wil je ook ruimte voor vrije gewichten, functionele training of groepsactiviteiten, dan loopt de norm op naar 5 tot 8 m2 per persoon. Hoe groot de ruimte in totaal moet zijn, hangt af van het aantal medewerkers dat je verwacht tijdens piekuren, de zones die je wilt aanbieden en of je rekening houdt met kleedgelegenheid en doorloopruimte.
Wat is een bedrijfsfitnessruimte?
Een bedrijfsfitnessruimte is een door de werkgever ingerichte, voor medewerkers toegankelijke ruimte die is uitgerust met professionele fitnessapparatuur en specifiek bestemd is voor fysieke training tijdens of rondom werktijd. De ruimte valt onder de verantwoordelijkheid van de organisatie en is niet bedoeld voor openbaar gebruik.
Heb je al een ruimte in beeld en wil je weten wat er concreet in past? Kom langs in de showroom en bespreek je situatie met een fitnessspecialist.
De gangbare vuistregel in de sector is 3 tot 5 m2 per gelijktijdige gebruiker voor een ruimte met cardio- en krachtapparatuur. Die marge is bewust breed, omdat de vereiste ruimte sterk afhangt van het type apparatuur dat je kiest. Een rij loopbanden en crosstrainers staat relatief compact. Zodra je barbell-rekken, vrije gewichtenhoeken of functionele trainingstoestellen toevoegt, neemt de ruimtebehoefte per gebruiker merkbaar toe. Voor een volwaardige gemengde zone, inclusief cardio, kracht en functioneel bewegen, is 5 tot 8 m2 per persoon een realistischere richtlijn.
Eén getal om goed te onthouden: een ruimte onder de 30 m2 totaaloppervlak is voor de meeste organisaties niet werkbaar als volwaardige bedrijfsfitnessruimte. Je kunt er wel een compacte hoek mee inrichten, maar je hebt dan beperkte mogelijkheden voor zowel de apparatuurkeuze als de veilige looproutes tussen toestellen. Bij een ruimte van 30 tot 60 m2 kun je al een functionele basisinrichting realiseren voor kleine groepen. Alles daarboven biedt meer flexibiliteit in zonering en apparatuurmix.
Houd er ook rekening mee dat naast de netto trainingsoppervlakte ruimte nodig is voor vrije looppaden tussen toestellen (minimaal 90 cm breed), kleedgelegenheid of omkleedhoek, en eventueel opslag voor kleine materialen zoals kettlebells, matten of springtouwen. Die extra ruimte telt op bij je totaaloppervlak.
Een professionele bedrijfsfitnessruimte bestaat zelden uit één grote open vloer vol toestellen. De ruimte wordt doorgaans opgedeeld in functionele zones, elk met een eigen doel en een eigen ruimtebehoefte.
De cardiozone is de meest herkenbare zone: loopbanden, fietsen, crosstrainers en roeimachines. Apparaten van merken als Technogym, Matrix, Life Fitness en Concept2 zijn gangbaar in professionele bedrijfsopstellingen. Per cardiotoestel reken je inclusief instap- en uitstapruimte op 4 tot 5 m2.
De krachtzone omvat krachtmachines, kabelstations en optioneel vrije gewichten. Een vrije gewichtenhoek met dumbbells, barbell-rek en bank vraagt meer vloeroppervlak dan een rij krachtmachines, omdat er rondom voldoende bewegingsruimte nodig is voor veilig gebruik. Reken op 5 tot 6 m2 per opstelling in de krachtzone.
De functionele trainingszone is een vrije vloerzone voor oefeningen met eigen lichaamsgewicht, TRX, kettlebells of kleine apparatuur. Dit is de zone die het meest varieert in grootte: een kleine organisatie kan volstaan met 15 tot 20 m2 vloeroppervlak, terwijl een ruimere opstelling met beugelsystemen, een slagriem-ophangpunt of astroturf-strook al snel 30 tot 50 m2 vraagt.
Strikt genomen valt de kleedruimte buiten het trainingsoppervlak, maar het is een onmisbaar onderdeel van een functionele bedrijfsfitnessruimte. Als er geen aparte kleedkamers beschikbaar zijn op de werkvloer, moet je ook hiervoor ruimte reserveren of aanpassen in de bouwkundige planning.
De combinatie van al deze zones is wat een bedrijfsfitnessruimte werkbaar maakt voor professioneel gebruik door medewerkers met uiteenlopende trainingsdoelen.
De benodigde oppervlakte is geen vast getal, maar een uitkomst van een aantal variabelen. Onderstaand stappenplan helpt je die variabelen stap voor stap te doorlopen.
Hoeveel mensen werken er op de locatie waarvoor je de bedrijfsfitnessruimte inricht? Dit is je vertrekpunt, niet het eindgetal voor de berekening.
Gemiddeld maakt 10 tot 15 procent van de medewerkers tegelijk gebruik van de fitnessruimte tijdens piekuren. Bij 100 medewerkers betekent dit 10 tot 15 gelijktijdige gebruikers als rekenbasis. Pas dat percentage aan op basis van wat je weet over de werktijden en cultuur in je organisatie.
Wil je alleen een cardiozone? Een combinatie van cardio en kracht? Of een volledig uitgeruste ruimte inclusief functionele trainingszone? Die keuze bepaalt de m2-norm per gebruiker die je in de volgende stap toepast.
Vermenigvuldig het aantal gelijktijdige gebruikers (stap 2) met de m2-norm die past bij de gekozen zones (stap 3). Gebruik 3 tot 5 m2 per gebruiker voor een basisinrichting, 5 tot 8 m2 voor een volledige gemengde zone.
Voeg aan de netto trainingsoppervlakte toe: vrije looppaden (minimaal 90 cm), kleedgelegenheid (indien nodig), opslag voor kleine materialen en eventuele receptie of toegangscontrole. Dit kan 20 tot 40 procent extra toevoegen aan je basisoppervlak.
Een kantoor met 80 medewerkers wil een gemengde bedrijfsfitnessruimte inrichten met cardio, kracht en een functionele zone. De verwachte piekbezetting is 15 procent, wat neerkomt op 12 gelijktijdige gebruikers. De gekozen norm is 5 m2 per gebruiker. Netto trainingsoppervlak: 12 x 5 m2 = 60 m2. Met looppaden, een kleedhoek en materiaalopslag erbij kom je uit op een aanbevolen totaaloppervlak van 80 tot 100 m2.
De norm van 3 tot 8 m2 per gebruiker is een richtlijn, geen garantie. Een aantal factoren bepaalt waar je binnen die marge uitkomt.
Vrije gewichten en barbell-rekken vereisen extra vloeroppervlak rondom het toestel vanwege veiligheidsafstanden. Apparatuur met een grote bewegingsuitslag, zoals kabeltrekken of functionele frames, vraagt een vrije zone achter en naast het toestel. Als je ook groepsactiviteiten wilt organiseren, zoals begeleide circuittraining of yoga, heb je een grotere vrije vloerzone nodig. Hogere plafondhoogte en daglicht kunnen de ruimte efficiënter aanvoelen, maar vergroten de netto behoefte niet.
Compacte multifunctionele toestellen nemen minder vloeroppervlak in dan een rij losse machines met hetzelfde functiepakket. Als medewerkers in ploegendienst werken, verspreidt het gebruik zich over de dag en is de piekbezetting lager. Een strak rotatiesysteem voor apparatuurgebruik vermindert de benodigde capaciteit per tijdslot.
Een bedrijfsfitnessruimte die intensief dagelijks wordt gebruikt door wisselende gebruikers stelt andere eisen aan ruimte en apparatuur dan een hobbykamer thuis. Bij professioneel gebruik gelden bredere looppaden, stevige en onderhoudsvriendelijke vloerbedekking en apparatuur die bestand is tegen hoge gebruiksfrequentie. Dat weegt ook mee bij de keuze voor refurbished fitnessapparatuur: kwaliteitsapparatuur die technisch en optisch volledig is hersteld, houdt het langst stand onder intensieve belasting.
De juiste m2-norm verschilt per type organisatie. Onderstaande tabel geeft een praktische vergelijking op basis van gangbare richtlijnen.
| Organisatietype | Medewerkers of gebruikers | Verwachte piekbezetting | Aanbevolen zones | Geschat totaaloppervlak |
|---|---|---|---|---|
| Klein kantoor | 20 tot 30 | 3 tot 5 personen | Cardio + basis kracht | 30 tot 50 m2 |
| Middelgroot bedrijf | 50 tot 150 | 8 tot 20 personen | Cardio + kracht + functioneel | 60 tot 120 m2 |
| Grote organisatie of sportschool | 150 of meer | 20 of meer personen | Volledig uitgerust, meerdere zones | 150 m2 of meer |
| Fysiotherapiepraktijk | 10 tot 50 patiënten per dag | 3 tot 8 personen gelijktijdig | Functioneel + revalidatie, kleinere cardiozone | 40 tot 80 m2 |
De behoeften van een sportschool, een fysiotherapiepraktijk en een kantooromgeving lopen uiteen, ook als het oppervlak vergelijkbaar is.
Voor bedrijven ligt de focus doorgaans op een laagdrempelige ruimte die medewerkers aanmoedigt om te bewegen voor of na werktijd. Een gemengde zone met cardiozone en krachtzone volstaat in de meeste gevallen. De piekbezetting is voorspelbaar en concentreert zich rond vaste tijdstippen, wat de capaciteitsberekening relatief eenvoudig maakt.
Een sportschool werkt met open inloop en wisselende bezettingspieken door de dag. De norm per gelijktijdige gebruiker is vergelijkbaar, maar de totale capaciteit moet hoger zijn omdat de ruimte ook voor externe leden bestemd is. Ruimte-indeling voor een sportschool vraagt ook rekening te houden met de doorstroom van bezoekers en eventuele receptie- en omkleedruimtes die zichtbaar en bereikbaar zijn.
Een fysiotherapiepraktijk die een oefenruimte of trainingsruimte inricht, heeft andere prioriteiten: de nadruk ligt op functionele trainingszone en begeleide revalidatie-oefeningen. De cardiozone is kleiner of afwezig, de vrije vloerruimte groter. Apparatuur van merken als Matrix of Technogym wordt ook in therapeutische omgevingen toegepast, maar de selectie en opstelling verschilt van een standaard fitnessruimte.
Voor particulieren die een thuisfitnessruimte willen inrichten, geldt dezelfde principiële berekening, maar op een kleinere schaal. Bij 1 of 2 gelijktijdige gebruikers en een selectieve apparatuurkeuze is een ruimte van 20 tot 30 m2 al voldoende voor een functionele opstelling.
Als de ruimte in beeld is, begint de volgende vraag: wat zet je erin, hoe stel je het op en wie regelt dat van begin tot eind?
Best Buy Fitness Projects begeleidt bedrijven, sportscholen, fysiotherapeuten en particulieren van de eerste tekening tot de definitieve inrichting, volledig ontzorgd. De adviezen op deze pagina zijn gebaseerd op de projectervaring van Best Buy Fitness Projects, actief in 52 landen.
Elk project begint met een analyse van de beschikbare ruimte en de specifieke wensen van de opdrachtgever. Op basis daarvan wordt een maatwerk ontwerp gemaakt, inclusief zoneringsadvies en apparatuurselectie. De uitvoering ligt in handen van gespecialiseerde monteurs die werken vanuit de eigen vestiging in Meer, België. Op geleverde apparatuur geldt standaard 1 jaar garantie.
Refurbished fitnessapparatuur van merken als Matrix, Technogym, Concept2 en Life Fitness vormt de basis van veel projecten. Technisch en optisch volledig hersteld door de eigen spuitafdeling, zodat de apparatuur voelt als een compleet nieuw toestel. Voor organisaties die de investering willen spreiden, is er ook de mogelijkheid van lease van fitnessapparatuur.
Van ontwerp tot inrichting, alles onder één dak. Dat is de manier waarop Best Buy Fitness Projects werkt, voor elk project, ongeacht de schaal.
Voor een basisinrichting met cardio- en krachtapparatuur reken je op 3 tot 5 m2 per gelijktijdige gebruiker. Wil je ook ruimte voor vrije gewichten, functionele training of groepsactiviteiten, dan is 5 tot 8 m2 per persoon realistischer. Tel daar altijd looppaden, kleedgelegenheid en materiaalopslag bij op.
De belangrijkste factoren zijn het type apparatuur dat je kiest, de zones die je wilt aanbieden en het verwachte aantal gelijktijdige gebruikers tijdens piekuren. Vrije gewichten en functionele frames vragen meer ruimte per opstelling dan compacte krachtmachines. Bij ploegendienst is de piekbezetting lager, wat de benodigde capaciteit verkleint.
Bepaal eerst je piekbezetting: gemiddeld gebruikt 10 tot 15 procent van de medewerkers de ruimte gelijktijdig. Vermenigvuldig dat getal met de m2-norm die past bij de gekozen zones. Voeg vervolgens 20 tot 40 procent toe voor looppaden, kleedgelegenheid en opslag. Bij een bedrijf van 80 medewerkers met 12 gelijktijdige gebruikers en een gemengde inrichting kom je al snel op 80 tot 100 m2 totaaloppervlak.
Een professionele bedrijfsfitnessruimte bestaat doorgaans uit een cardiozone, een krachtzone en een functionele trainingszone, aangevuld met kleedgelegenheid en doorloopruimte. De verhouding tussen de zones hangt af van de doelgroep en de trainingsgewoonten van de medewerkers. Maatwerk in de indeling maakt het verschil tussen een ruimte die wordt gebruikt en een ruimte die leeg blijft.
Als je weet hoeveel m2 beschikbaar is, is de volgende stap het vertalen van die ruimte naar een concrete inrichting: welke zones, welke apparatuur en welke opstelling. Een showroombezoek bij Best Buy Fitness Projects is een goede manier om die stap te zetten. Je bespreekt er je situatie met een fitnessspecialist en ziet de apparatuur in de praktijk.
Heb je een specifieke vraag over de oppervlakte of inrichting van je bedrijfsfitnessruimte? Neem contact op en we denken vrijblijvend met je mee.
Wil je weten wat het kost om jouw gym in te richten?
Tijdens een gratis kennismaking bespreken we jouw wensen en laten we je in onze showroom zien wat er allemaal mogelijk is.